OFF     Identiteit.    

Identiteit gaat over eigenheid, over grenzen en over anders zijn. Er zijn natuurlijke vele identiteiten en iedereen maakt deel uit van meerdere identiteiten. Met onze unieke eigen identiteit maken we met anderen weer deel uit van groepen met een gedeelde identiteit. Dat kan van alles zijn: een vriendengroep, werk, een instituut, een land.

Op persoonlijk niveau is identiteit vooral datgene wat je uniek maakt, datgene waarmee je je onderscheidt van anderen. In die context is identiteit ook wel zelfgevoel te noemen. En het uiten van dit zelfgevoel is vanaf het begin van de 20e eeuw sterk ontwikkeld. En sinds de 21e eeuw is dat uiten in een enorme stroomversnelling geraakt en wordt het zelfgevoel, de eigen identiteit, al dan niet online, van de daken geschreeuwd. Het is geëxplodeerd.
Identiteit bij een groep is juist hetgeen dat je hetzelfde hebt, datgene dat je bindt, zodat je juist als persoon niet uniek bent maar als groep wel. Daardoor behoor je tot de groep en de groep onderscheidt van andere groepen en leden van die groepen.
Identiteit gaat dus over het eigene in relatie tot anderen. Waar op persoonlijk niveau het zichzelf onderscheiden steeds explicieter wordt is op groepsniveau de identiteitspolitiek in opkomst waarbij politiek vanuit de identiteit van een bepaalde groep gedreven wordt.

Het definiëren van identiteit is niet makkelijk. Het vaststellen van een identiteit is nog veel moeilijker. Bovendien zijn er zijn altijd rafelranden, veel loopt in elkaar over en op groepsniveau kun je natuurlijk deel uitmaken van meerdere groepen. Ook kunnen identiteiten veranderen. Wat zeker verandert is het belang dat er aan toegekend wordt en wat we er mee doen. En dan is er nog de vraag of deze eigenheid er al was of dat we die er achteraf toekennen. Kloppen we verschillen en overeenkomsten op of zien we te weinig diversiteit? Op menselijk niveau is iedereen gelijk maar als groep zijn de buren toch anders en spreken we makkelijker over identiteit.

Iets soortgelijks geldt ook voor film. In een film kunnen we de hand van de maker of van de filmstudio herkennen. Denk aan Alfred Hitchcock of aan de Walt Disney studio’s. Deze drukken hun stempel, hun identiteit, op een film. Maar dit kan ook door diverse films te groeperen. Zo krijgt een serie films een identiteit. Te denken valt hierbij aan een genre als de horrorfilm of de western. Maar ook filmstromingen of een nationale cinema is een eigenheid toe te kennen: de Tsjechische animatiefilm of het Franse relatiedrama zijn erg herkenbaar.
In het algemeen is de Europese film anders dan de Aziatische of de Amerikaanse, maar de verschillen concreet aanwijzen laat staan een afgebakend sjabloon tekenen zal niemand lukken. Hitchcock’s Engelse films zijn anders dan zijn Amerikaanse films maar het zijn allemaal typisch film van Hitchcock.

Ook het OFF laat zich niet vastpinnen. Toch hebben we een identiteit. Met Overijsselse filmhuizen vertoont het OFF recente en actuele Europese films waarbij dit jaar de nadruk wordt gelegd op identiteit. We gaan grasduinen. We pinnen ons niet vast. Ook Overijssel is in Twente anders dan in de Kop. En toch weten we en voelen we dat het Overijssel is. We letten vaker op de verschillen dan op de overeenkomsten. Iedereen moet uniek zijn.
De films zijn Europees en ze zijn alle gelinkt aan identiteit. En dat neemt vele vormen aan. Het gaat te ver om te beweren dat ze niet buiten Europa gemaakt hadden kunnen worden maar dat zijn ze wel en het OFF denkt dat ze in hun vorm en in hun genuanceerde inhoud dat uitstralen.

Nederland is anders dan België en Frankrijk is anders dan Duitsland. Iedereen weet en ervaart dat maar waar de grens precies ligt? Zo is ook Europa anders dan de Verenigde Staten, ook al heeft een groot deel van de Amerikaanse bevolking Europese wortels. Waarom en hoe onderscheiden wij ons van elkaar? We zien het maar leg er maar eens de vinger op. Dat geldt ook voor de film.
Ieder land heeft haar eigen geschiedenis, erfgoed, thema’s, cultuur. Gele hesjes in Frankrijk, terrorisme in België, nieuwe armoede in Engeland, omgaan met het verleden in Duitsland. Allemaal schijnbaar binnenlandse problemen, of althans met een binnenlands sausje, die ons van elkaar lijken te scheiden. Maar ook onmiskenbaar Europees in de benadering van de regisseurs die er mee aan de slag gaan en daarmee verbinden. Daarnaast eeuwige thema’s als macht, liefde en vrijheid die ons over grenzen heen tillen ook al pakken deze thema’s per land uiteraard weer anders uit.
Met een interne en een externe afbakening bepalen we wie we zijn, hoe we ons voelen, en zeker ook hoe we ons onderscheiden, hoe we anders zijn. En er zal altijd een rafelrandje zitten bij deze afbakeningen.
Iets soortgelijks geldt ook voor de cinema. En niet alleen voor de thema’s die daar onderwerp in zijn. Het eigen gezicht én het onderscheid tot de ander bepaalt ook de films in dit festival. Het is Europese auteurscinema. Auteurs in de zin dat ze een stempel op de film drukken, een eigen gezicht laten zien. En dat gezicht is onmiskenbaar Europees én onmiskenbaar verbonden aan de eigen nationale identiteit. Ken Loach, Pedro Almodovar, Lars Kraume, Yorgos Lanthimos, Jean-Pierre & Luc Dardenne en Danny Boyle, allen Europese auteurs. De lokale insteek in hun films legt de nadruk op de actualiteit, de grote eeuwige thema’s worden vaak verpakt in de historie. Europese cinema van regisseurs met een eigen identiteit strijdt in dit programma om het mooiste plekje. Kiezen wordt moeilijk.